|
Wil je elektrische leidingen netjes wegwerken in glad gestucte muren, dan begint alles bij een strakke voorbereiding: leidingen nauwkeurig positioneren, sleuven gecontroleerd frezen en kabels tijdelijk beschermen. Door je werkzaamheden goed af te stemmen met de stukadoor kun je elektrische leidingen netjes wegwerken én je wanden strak laten stuken zonder schade aan het stucwerk of latere verrassingen.
Benodigde materialen
Voor dit deel van de renovatie richt je je op materialen die zowel de elektrotechnische veiligheid als een strakke afwerking ondersteunen. Zo zorg je dat elektrische leidingen netjes wegwerken en de stukadoor jouw wanden strak laten stuken professioneel kan uitvoeren.
Basismaterialen voor de installatie
-
Mantelbuis (flexibele PVC-installatiebuis), bij voorkeur:
-
Inbouwdozen (meestal 50–60 mm diep, passend bij wandtype)
-
Plamuur- en egalisatiemateriaal (gips- of cementgebonden, afhankelijk van de ondergrond)
-
Alkali-bestendige glasvezelband voor het wapenen van naden en sleuven
-
Primer / voorstrijk voor goede hechting tussen ondergrond, vullagen en stucwerk
-
Afdekfolie, stucloper en tape voor bescherming van vloeren, plinten en ramen
Reken in een gemiddelde kamer op 10–30 meter mantelbuis, afhankelijk van de indeling en het aantal schakelaars, lichtpunten en wandcontactdozen.
Benodigd gereedschap
Voor het veilig en strak wegwerken van leidingen heb je degelijk gereedschap nodig.
Gereedschap voor sleuven en inbouwdozen
-
Muurfrees of haakse slijper met stofafzuiging voor nette sleuven
-
SDS-boor / gatenzaag voor inbouwdozen (Ø 68 mm is gangbaar)
-
Accu-schroevendraaier voor montage van beugels, klemmen en dozen
-
Waterpas of laser voor het uitlijnen van sleuven en doosposities
-
Trekveer (visdraad) om kabels door de mantelbuis te trekken
-
Plamuur- en stucspaan (± 120–300 mm) voor het vullen en afreien van sleuven
-
Schuurpapier korrel P120–P180 voor het fijnschuren van vullagen
-
Stofzuiger met fijne filter (bij voorkeur bouwstofzuiger)
Persoonlijke beschermingsmiddelen
-
Veiligheidsbril
-
Gehoorbescherming
-
Stofmasker (P2/P3)
-
Werkhandschoenen
Met deze set kun je gecontroleerd sleuven frezen, de elektrische leidingen netjes wegwerken en de wanden voorbereiden zodat de stukadoor later probleemloos de wanden strak kan laten stuken.
Materialen voor het wegwerken van leidingen
Je kiest bij voorkeur voor:
-
Flexibele, gegolfde mantelbuis 16 mm (verlichting) en 20 mm (stopcontacten)
-
Inbouwdozen van 40–50 mm diep, afgestemd op stuc- en tegelopbouw
-
Kabelklemmen of -clips om buizen om de 25–30 cm te fixeren
-
Alkali-bestendige glasvezelband over sleuven en naden
-
Reparatiemortel of zetpleister (bijv. Knauf of vergelijkbaar systeem)
-
Voorstrijk / primer passend bij de uiteindelijke stucmortel
Houd 10–15 mm reserveruimte voor de uiteindelijke afwerklaag, zodat inbouwdozen na het stucen mooi vlak uitkomen. Test de bekabeling altijd vóór je de sleuven dichtzet. In natte ruimtes gebruik je bij voorkeur water- en UV-bestendige buis en let je extra op de NEN 1010-voorschriften.
Voorbereiding van de muren
Controle van ondergrond en omgeving
-
Controleer draagkracht, scheuren en eventuele vochtplekken.
-
Zorg voor een stofvrije werkzone en dek vloeren, radiatoren en kozijnen zorgvuldig af.
-
Plan sleuven van ongeveer 18–22 mm diep (afhankelijk van buisdiameter), met voldoende dekking over de buis.
-
Houd minstens 50 mm afstand tot randen, hoeken en constructieve elementen.
Door deze voorbereiding kun je elektrische leidingen netjes wegwerken en tegelijk de stukadoor optimaal ondersteunen om de wanden strak te laten stuken.
Inspectie, opmeten en markeren
Leidingen in kaart brengen
-
Schakel de spanning uit in de groepenkast en controleer met een spanningstester of alles spanningsloos is.
-
Traceer bestaande kabels met spanningszoeker of leidingzoeker.
-
Noteer groepnummers, kabeldiameters (1,5 of 2,5 mm²) en de positie van bestaande dooslocaties.
Leg alles vast in een eenvoudige plattegrond of foto-overzicht. Zo weet je later exact waar je veilig kunt boren en hoe je elektrische leidingen netjes wegwerken kunt combineren met verdere renovatie.
Hoogtes en posities bepalen
Gebruik een rolmaat en laserwaterpas om:
-
Schakelaarhoogtes op ± 105 cm (bovenkant afdekraam) af te tekenen
-
Wandcontactdozen op ± 30 cm boven de afgewerkte vloer te positioneren
-
Lichtpunten in het plafond rond 240–260 cm te markeren (afhankelijk van plafondhoogte)
Houd rekening met:
-
Definitieve vloerafwerking (tegels, laminaat, gietvloer)
-
Pleisterdikte (meestal 3–5 mm eindlaag)
-
De gewenste eindpositie van afdekramen en armaturen
Markeer sleuflijnen en dooscenters met potlood of krijt en noteer maten vanaf vaste referenties (hoeken, ramen, deuropeningen).
Inbouwen van leidingen
Sleuven frezen
Gebruik een sleuvenfrees met stofafzuiging en stel in:
-
Freesbreedte 18–24 mm voor één of twee mantelbuizen
-
Freesdiepte 20–25 mm, zodat de buis minimaal enkele millimeters onder het toekomstige stucvlak ligt
Let op:
-
Vermijd wapening, waterleidingen en gasleidingen
-
Frees altijd in rechte verticale en horizontale banen
-
Werk in korte secties en zuig regelmatig stof weg
Op deze manier kun je elektrische leidingen netjes wegwerken zonder onnodige schade aan de constructie.
Leidingen plaatsen
-
Leg 16–20 mm mantelbuis in de sleuven en fixeer deze met clips om de ± 30 cm verticaal en 40 cm horizontaal.
-
Houd een minimale buigradius van circa 6 × de buisdiameter aan, zodat draden zich goed laten intrekken.
-
Laat bij inbouwdozen 20–30 cm extra kabel of voldoende trekruimte in de buis.
-
Sluit buiseinden af met dopjes om mortel en stof buiten te houden.
Zorg dat inbouwdozen 3–5 mm onder het uiteindelijke stucniveau liggen. Dit helpt de stukadoor om de wanden strak te laten stuken zonder dat de randen van de dozen zichtbaar blijven.
Afwerken van de muren
Vullen en egaliseren
Na het leggen van de buizen:
-
Vul sleuven eerst met een geschikte reparatiemortel of zetpleister.
-
Breng glasvezelband over de sleuven aan om scheurvorming te beperken.
-
Egaliseer de wand met een basislaag van ca. 8–12 mm op plekken met diepe sleuven.
-
Werk af met een fijnere pleisterlaag van 2–5 mm voor een vlak eindresultaat.
Controleer de vlakheid met een rei of lange spaan: een afwijking van maximaal 2–3 mm per meter is doorgaans acceptabel als basis om wanden strak te laten stuken en schilderen.
Stukadoren
De stukadoor brengt vervolgens:
-
Een onderlaag aan voor het opvangen van diepteverschillen en het volledig insluiten van de leidingen.
-
Glasvezelband of wapeningsnet op spanningsgevoelige plekken (hoeken, grote vlakken met veel sleuven).
-
Een strakke eindlaag (skimlaag) van meestal 1–3 mm voor een glad, schilderklaar oppervlak.
Laat pleisterlagen volgens productspecificatie drogen (bij gips enkele dagen, bij cementgebonden systemen langer) voordat je gaat schuren of schilderen.
Schilderen en eindafwerking
Na voldoende droging:
-
Breng een geschikte primer / voorstrijk aan, afgestemd op de pleistersoort.
-
Schilder vervolgens twee lagen muurverf met een dekking van ca. 8–12 m² per liter per laag.
-
Gebruik een korte-nap roller (6–8 mm) voor een zo egaal mogelijk resultaat.
Controleer na de laatste laag de randen rond inbouwdozen en schakelaarplaatjes en werk kleine oneffenheden plaatselijk bij. Zo combineer je elektrische leidingen netjes wegwerken met wanden strak laten stuken en strak schilderwerk.
Tips voor een professioneel resultaat
-
Stem freesdieptes (meestal 20–25 mm) en stucdikte vooraf af met de stukadoor.
-
Gebruik altijd trekdraad in mantelbuis, ook als er al draden in liggen, voor toekomstige uitbreidingen.
-
Leg leidingen minimaal 50 mm uit hoeken en randen om barsten en boorschade te beperken.
-
Volg NEN 1010 en laat kritische aansluitingen en metingen altijd uitvoeren door een erkend installateur.
-
Maak foto’s van elke wand nadat de leidingen zijn geplaatst, maar vóór het dichtsmeren; deze “röntgenfoto’s” zijn goud waard bij latere verbouwingen.
Veelvoorkomende fouten vermijden
-
Te ondiep of scheef gefreesde sleuven waardoor leidingen te dicht tegen het stucoppervlak komen.
-
Inbouwdozen die te diep of juist te ver naar voren steken, wat later tot scheve afdekramen leidt.
-
Geen trekdraad in de buis, waardoor upgrade of vervanging van kabels veel meer werk wordt.
-
Sleuven dichtsmeren zonder eerst de installatie te testen op spanning, continuïteit en aarding.
Door vooraf te meten, te testen en duidelijke afspraken met de stukadoor te maken, voorkom je duur herstelwerk en houd je je wanden strak en schadevrij.
Onderhoud van weggewerkte leidingen
Plan periodiek onderhoud, zeker bij intensief gebruik of oudere installaties:
-
Controleer jaarlijks visueel rondom stopcontacten en schakelaars op scheuren of verkleuring.
-
Test de aardlekschakelaar maandelijks met de testknop.
-
Werk met een eenvoudige plattegrond waarop leidingen en inbouwdozen zijn ingetekend, zodat je later veilig kunt boren.
Bij storingen of verdenking van oververhitting:
-
Schakel de betreffende groep uit.
-
Controleer verbindingen en klemmen, of laat dit doen door een erkend elektricien.
-
Herstel het stucwerk pas na een definitieve, veilige oplossing.
Hoe werk je elektrische leidingen netjes weg in glad gestucte muren?
Je werkt elektrische leidingen netjes weg in glad gestucte muren door eerst een helder plan te maken, sleuven recht en op de juiste diepte te frezen, mantelbuis en inbouwdozen correct te plaatsen en alle bekabeling te testen vóórdat sleuven worden dichtgezet. Vervolgens stem je met de stukadoor af welke laagdiktes nodig zijn om de wanden strak te laten stuken. Door deze samenwerking, goede documentatie en naleving van de veiligheidsnormen krijg je onzichtbare leidingen, perfect vlakke wanden en een duurzame, veilige installatie.
|